Reiskosten zorgverlener

Uw zorgverlener moet misschien een stuk reizen om bij u te werken. Of uw zorgverlener maakt kosten onder werktijd, bijvoorbeeld door u naar een arts te brengen. Soms kunt u de kosten van deze reis vergoeden. Dit heet reiskostenvergoeding.

De regels voor het vergoeden van de reiskosten verschillen per soort Persoonsgebonden budget (PGB).

  • Bij een budget van het zorgkantoor (Wet langdurige zorg) worden reiskosten altijd vergoed
  • Bij een budget van de gemeente (Wet maatschappelijke ondersteuning of Jeugdwet) kunnen reiskosten soms ook vergoed worden. Vraag uw gemeente of dit kan

Betaalt u uw zorgverlener achteraf per uur? Dan kunt u de reiskosten op verschillende manieren vergoeden. Dit hangt af van hoe uw zorgverlener reist.

Eigen vervoer

Reist uw zorgverlener met eigen vervoer, bijvoorbeeld met de auto? Dan mag u vanaf 1 januari 2023 maximaal € 0,21 per kilometer onbelast vergoeden. In 2022 is dit € 0,19 per kilometer. U moet wel een kilometeradministratie bijhouden. De Belastingdienst kan u hierom vragen.

Openbaar vervoer

U kunt de reiskosten van openbaar vervoer op 2 manieren vergoeden:

  • een bedrag per kilometer. Vanaf 1 januari 2023 mag u maximaal € 0,21 per kilometer onbelast vergoeden. In 2022 is dit € 0,19 per kilometer
  • vergoeding van de werkelijk gemaakte kosten

Eigen vervoer en openbaar vervoer

Reist uw zorgverlener gedeeltelijk met eigen vervoer en gedeeltelijk met openbaar vervoer? Dan mag u de reiskosten ook op 2 manieren vergoeden:

  • vanaf 1 januari 2023 vergoedt u maximaal € 0,21 per kilometer onbelast. In 2022 is dit € 0,19
  • u betaalt de werkelijke kosten van het openbaar vervoer, plus vanaf 1 januari 2023 maximaal het bedrag van € 0,21 per kilometer (onbelast) die met eigen vervoer is gereisd. In 2022 is dit € 0,19

Vervoersbewijzen in de administratie

Wilt u de werkelijk gemaakte kosten vergoeden? Zorg dat uw zorgverlener de originele vervoersbewijzen of een reisoverzicht van de OV-chipkaart aan u geeft. Bewaar het origineel in uw administratie. Het kan dat de Belastingdienst u hierom vraagt. Stuur een kopie van de vervoersbewijzen of het reisoverzicht mee met het urenbriefje van uw zorgverlener.

Heeft u een vast bedrag per maand afgesproken? Dan kunt u een vast bedrag voor reiskostenvergoeding afspreken met uw zorgverlener. Dit legt u vast in de zorgovereenkomst.

Berekening

U berekent de maandelijkse onbelaste reiskostenvergoeding op de volgende manier:

214 x de dagelijkse reisafstand x kilometervergoeding  x deeltijdfactor : gedeeld door 12 maanden

Voorbeeld

Vanaf 1 januari 2023 komt er een nieuwe zorgverlener bij u werken. Uw zorgverlener werkt op 3 vaste dagen per week bij u. Hij reist elke dag 3,5 kilometer heen en terug, dus in totaal 7 kilometer per dag. U heeft een bedrag van € 0,21 afgesproken. De rekensom ziet er dan zo uit:

(214 x 7 x € 0,21 x 3/5) : 12 = € 15,73

U kunt uw zorgverlener elke maand maximaal € 15,73 onbelast aan reiskosten vergoeden.

Leg de berekening schriftelijk vast

De Belastingdienst kan om de berekening vragen. Daarom is het belangrijk dat u en de zorgverlener de berekening in de administratie vastleggen.

Grote afstanden

Bij afstanden van meer dan 75 kilometer is een vaste reiskostenvergoeding niet mogelijk. U kunt dan wel achteraf een vergoeding geven op basis van het werkelijke aantal kilometers.

Doen wij de salarisadministratievoor u? Dan geven wij het loon en de reiskosten apart door aan de Belastingdienst.

Doen wij geen salarisadministratie voor u? Dan moet uw zorgverlener zelf bij de belastingaangifte het verschil aangeven tussen reiskostenvergoeding en loon.

Bij een zorginstelling moeten de reiskosten in het uurtarief zijn opgenomen. Uw zorginstelling mag reiskosten niet apart berekenen.